Home / Antwoorden: november 2017

Antwoorden: november 2017

1. Vlak voor rust scoort partij A een doelpunt. De scheidsrechter kent het doelpunt toe en besluit vervolgens direct af te fluiten voor de rust. Hij laat hierbij niet nog aftrappen. Terwijl iedereen nog op het speelveld is, krijgt de scheidsrechter via zijn headset te horen van zijn (neutrale) assistent-scheidsrechter  dat de aanvaller de bal in het doel sloeg met zijn hand. Wat moet de scheidsrechter nu beslissen als hij het advies van de scheidsrechter overneemt?

A. Het doelpunt wordt afgekeurd en de spelers gaan rusten.

B. Het doelpunt wordt afgekeurd, de aanvaller krijgt een gele kaart en de spelers gaan rusten.

C. Het doelpunt wordt afgekeurd, de aanvaller krijgt een gele kaart en het spel wordt hervat met een directe vrije schop op de plaats waar hands werd gemaakt. Hierna kan hij alsnog direct voor rust fluiten.

D. Hij kent het doelpunt toe, want hij had al gefloten voor rust.

Antwoord: B

2. Een doelman wil de bal uitwerpen maar de gladde bal glijdt uit zijn handen. Een aanvaller komt nu snel toegelopen, maar de doelman ziet nog kans om de bal uit zijn doelgebied weg te slaan, voordat de aanvaller de bal in het doel kan trappen. Wat moet de scheidsrechter nu beslissen?

A. Hij fluit af en toont  de doelman een rode kaart, wegens het ontnemen van een duidelijke scoringskans en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de doelman de bal voor de tweede keer speelde.

B. Hij fluit af en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de lijn van het doelgebied, die evenwijdig loopt aan de doellijn, zo dicht mogelijk bij de plaats waar de doelman de bal voor de tweede keer speelde.

C. Hij fluit af en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij, op de plaats waar de doelman de bal voor de tweede keer speelde.

D. Hij laat doorspelen omdat de bal per ongeluk uit de handen van de doelman gleed.

Antwoord: B

3. Een aanvaller heeft zich naast het doel buiten het speelveld begeven om zich zodoende aan buitenspel te onttrekken. Op het moment dat de doelverdediger de bal heeft opgevangen, komt deze speler weer het speelveld inlopen om te voorkomen dat de doelman de bal uit zijn handen in het spel kan brengen.  De scheidsrechter moet nu:

A. Door laten spelen

B. De aanvaller een waarschuwing geven en bestraffen met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter affloot.

C. Een directe vrije schop toekennen aan de verdedigende partij en de aanvaller een waarschuwing geven.

D. De aanvaller alsnog bestraffen met een indirecte vrije schop wegens buitenspel en de aanvaller een waarschuwing geven.

Antwoord: B

Lees onderstaande situatie goed door. Deze hoort bij de volgende twee vragen.

Op het moment dat een speler binnen het speelveld voorbij komt lopen, gooit een gewisselde speler vanaf de bank een voorwerp naar deze speler. Wat moet de scheidsrechter beslissen nadat hij het spel heeft onderbroken?

4. Disciplinaire straf?

A. Geen kaart

B. Gele kaart

C. Rode kaart

D. Afhankelijk of het voorwerp een speler raakt.

Antwoord: C

5. Spelhervatting?

A. Scheidsrechtersbal

B. Indirecte vrije schop

C. Directe vrije schop

D. Inworp

Antwoord: C

Facebook

Twitter